Afdrukken
Categorie: sint-pauluskrantje
Hits: 1088

Lees hier de uitgave 2017 november van het sint-pauluskrantje.

Straten hebben hun verhalen.
Even voorbij het monument van Paul van Ostaijen;
een zitbank voor een bruine, Wifi-café.
Ik hoor mijn naam roepen, een stevige knuffel vertelt van gedeeld leed. De mama van de kleine Luna, elf jaar geleden neergeschoten. Naast Laurence stond een vriendin.
Ik bestel twee lungo’s voor hen beiden. Voor mij een koffie.
Hij ziet er vervaarlijk zwart uit.
Ik durf geen melk vragen want hun gesprek gaat mijmerend verder.
Doen wat moeders doen: betrokken praten over hun kinderen.
Onder meer over het gepest worden op school.
De andere mama vertelt over haar elfjarig dochtertje met een verouderingsziekte, progreria. Het zicht van de elf jarige Bertha is al heel erg achteruitgegaan en sinds kort lijdt ze aan diabetisch.
Over haar levenskansen liggen de meningen ver uiteen.
Maar haar klasgenoten zijn bikkelhard. Kunnen niet aanvoelen wat dit kind overkomt. Moeten daar toch ook geen weet van hebben.

Laurence was Hans Van Themsche gaan opzoeken in de gevangenis.
Wilde weten, wilde een mens ontmoeten zoals ze zijn moeder had ontmoet als moeder.
Zijn gejammer over spijt irriteerde haar.
Ze vroeg hem hoe hij zichzelf voorbereidde op de toekomst wanneer hij over enkele jaren vrij zou komen. Wie was hij dan?

Moeders met zware littekens. Wij samen in late herfstzon op de bank.
Verhalen werden gedeeld. Wolken schoven voorbij.
Voelbare mooie momenten.
Soms een mensenleven dat onder je voeten pijnlijk wegschuift.

Ineens keek de mama van Bertha mij aan.
‘Weet je wat in ons gegroeid is doorheen alles wat we meemaken?’ ‘Mededogen’. Vreemd hé, en toch “mededogen!”

Tram zeven denderde voorbij terwijl dat kostbare woord uit de grote transformatie, eeuwen voor Christus, hier rond de cafétafel een weerklank kreeg. Boedha, Zarathustra, Socrates, Jesaja:
‘Liederen van de Knecht’. Later kernverhaal van het evangelie.

Twee mensen door het leven zwaar aangepakt, permanente zorg, vragen waarop geen zinnig antwoord komt.
Geen haat, geen zelfbeklag.
“Mededogen”
Zelden heb ik mij zo klein gevoeld.

Namens de redactie,

Erwin Vandecauter en Paul Scheelen